|
24 april 2008
NIEUWSBRIEF VOOR DEELNEMERS AAN DE GROEPSPROCEDURE VAN LEASEVERLOSSER
Geachte heer, mevrouw,
Hierbij informeer ik u over een aantal belangrijke ontwikkelingen.
-
Hoge Raad doet belangrijke uitspraak over handtekening echtgenote/partner
-
Rechtbank Amsterdam verklaart verzet tegen griffierechten gegrond
-
Cassatie in het belang der wet gaat niet door, gewone cassatie wel
-
Voortgang van de procedures
-
Samenvatting
1. Uitspraak Hoge Raad over handtekening echtgenote/geregistreerd partner
De hoogste rechter in Nederland, de Hoge Raad, heeft op 28 maart 2008 een belangrijke uitspraak gedaan. In deze uitspraak wordt nogmaals bevestigd dat aandelenlease contracten van Dexia zijn aan te merken als huurkoop, zodat voor het aangaan daarvan schriftelijke toestemming nodig is van de echtgenoot/geregistreerde partner van de cliënt. Indien deze schriftelijke toestemming ontbreekt, heeft de echtgenoot/partner het recht om het leasecontract te ‘vernietigingen’ (= ongeldig te verklaren) wegens het ontbreken van zijn/haar schriftelijke toestemming. Indien sprake is van een tijdige vernietiging door de echtgenoot/partner, wordt het leasecontract met terugwerkende kracht ongeldig, zodat (a) alle openstaande schulden aan Dexia komen te vervallen en (b) Dexia alle bedragen die zij al van de cliënt heeft ontvangen (maandtermijnen e.d.) aan de cliënt moet terugbetalen.
Dexia heeft laten weten dat zij zich bij deze uitspraak van de Hoge Raad neerlegt. Dat betekent dat Dexia dus nu officieel erkent dat sprake is van huurkoop. Wél blijft Dexia zich op het standpunt stellen dat een vernietiging alleen geldig is indien de vernietigingsbrief door Dexia is ontvangen binnen 3 jaar nádat het leasecontract is afgesloten, waarbij de datum onderaan het leasecontract beslissend is. Dit betekent dat Dexia van mening blijft dat de uitspraak van de Hoge Raad níet geldt in gevallen waarin de vernietigingsbrief pas op een latere datum is ontvangen dan 3 jaar na de begindatum van het leasecontract. Voorts dient de cliënt te bewijzen dat hij getrouwd was of een geregistreerde partner had toen hij het leasecontract aanging. Dit bewijs moet worden geleverd via een uittreksel uit de Gemeentelijke Basis Administratie (GBA) van de gemeente waar de cliënt nu woont.
Dexia heeft mij per brief laten weten dat zij mij binnenkort nieuwe schikkingsvoorstellen zal toesturen ten behoeve van de leasecliënten die naar het oordeel van Dexia onder de uitspraak van de Hoge Raad vallen. Dit schikkingsvoorstel zal voorzien in (a) kwijtschelding van alle nog openstaande schulden en (b) terugbetaling van alle bedragen die al door de cliënt aan Dexia zijn betaald. Voorts ga ik er vanuit dat het voorstel ook zal voorzien in een vergoeding van proceskosten voor de cliënten die al een procedure zijn gestart.
Let op: cliënten wiens echtgenoot wél heeft vernietigd maar later dan 3 jaar na de begindatum van het leasecontract, zullen voorlopig dus géén nieuw schikkingsvoorstel ontvangen. Of deze mensen ook kunnen profiteren van de uitspraak van de Hoge Raad zal pas duidelijk zijn als de Hoge Raad óók definitief een uitspraak heeft gedaan over de vraag wanneer de termijn van 3 jaar gaat lopen waarbinnen de vernietiging moet worden gedaan. De wet gaat er vanuit dat deze termijn pas gaat lopen als de echtgenoot/partner op de hoogte raakt van het bestaan van het leasecontract, en dit kan natuurlijk (veel) later zijn dan de begindatum. De meeste rechters gaan er vanuit dat een latere startdatum kan worden gehanteerd indien een goede reden bestaat waarom de echtgenoot/partner er pas later achter kwam (bijvoorbeeld de leasetermijnen werden afgeschreven van een bankrekening die alleen op naam staat van de cliënt en waarop de echtgenoot/partner geen zicht had). Onder welke omstandigheden de vernietigingstermijn van 3 jaar pas ná de begindatum van het contract gaat lopen, is op dit moment nog niet helemaal uitgekristalliseerd in de rechtspraak. Ik verwacht echter dat hierover nog dit jaar meer duidelijkheid ontstaat in uitspraken van Gerechtshoven en misschien ook in een uitspraak van de Hoge Raad. Afhankelijk van deze uitspraken kan Dexia worden gedwongen om ook eenzelfde schikkingsvoorstel te doen in (een deel van) de zaken waarin de vernietigingsbrief is gestuurd later dan 3 jaar na de begindatum van het contract.
Vanzelfsprekend zal ik u informeren zodra ik van Dexia een voor u bestemd nieuw schikkingsvoorstel ontvang. Ik verzoek u dit af te wachten.
2. Rechtbank verklaart verzet tegen aanvullend griffierecht gegrond
Zoals u bekend is heeft de griffier van de Rechtbank Amsterdam eind juni 2007 een naheffing gestuurd voor griffiegeld in de procedure die op 1 april 2005 is opgestart. In april 2005 werd aanvankelijk slechts één keer griffiegeld van € 192 voor alle eisers samen opgelegd. In 2007 kwam de Rechtbank hierop terug en legde alsnog aan iedere individuele eiser afzonderlijk griffierecht van € 192 op. Deze bedragen zijn door mijn kantoor voorgeschoten. U heeft vervolgens eind juni 2007 een factuur gehad van mijn kantoor voor dit griffiegeld. Vervolgens heb ik namens alle deelnemers aan de procedure van Leaseverlosser een verzetschrift ingediend tegen het besluit van de griffier om griffiegeld op te leggen aan alle individuele cliënten. Pas op 21 januari 2008 is dit verzetschrift in een zitting behandeld bij de kantonrechter te Amsterdam. Enkele dagen geleden werd ik geïnformeerd door de griffier dat de kantonrechter het verzet gegrond heeft verklaard en alle naheffingen heeft vernietigd. De griffier heeft mij laten weten dat de griffiegelden die in juni 2007 zijn betaald, zullen worden terugbetaald. Dit brengt mee dat alle cliënten die de factuur voor het griffiegeld al hebben voldaan, het bedrag van € 192 krijgen terugbetaald. Deze teruggave zal plaatsvinden bij de eindafrekening m.b.t. het dossier. U zult daarover te zijner tijd nog apart bericht krijgen.
3. Cassatie in het belang der wet gaat niet door
In de Nieuwsbrief van januari 2008 informeerde ik u dat een aantal belangenorganisaties, daaronder begrepen Stichting Platform Aandelen Lease (PAL) en Vereniging Consument & Geldzaken (VCG), de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad hadden verzocht om een zgn. cassatie in het belang der wet in te stellen bij de Hoge Raad. Inmiddels is bekend dat vooralsnog géén cassatie in het belang der wet zal worden ingesteld. De reden hiervoor is dat de Hoge Raad recent al een uitspraak heeft gedaan over de handtekening van de echtgenoot/partner (zie hierboven). Daarnaast zal op korte termijn door de betrokken partijen een ‘gewoon’ cassatieberoep worden ingesteld tegen enkele uitspraken van het Gerechtshof Amsterdam. Deze gaan dan met name over de vraag of (i) naast de restschuld ook het verlies van inleg een schadepost is die door Dexia moet worden vergoed en (ii) of het ontbreken van vergunningen die volgens financiële toezichtwetten waren voorgeschreven leidt tot nietigheid (= ongeldigheid) van de leasecontracten. Dit zijn de belangrijkste nog openstaande rechtsvragen in de aandelenlease affaire. Dexia heeft gezegd dat zij voortvarend zal meewerken aan deze gewone cassatieberoepen. Gelet daarop is de Procureur-Generaal van mening dat er op dit moment onvoldoende reden is om een cassatie in het belang der wet in te stellen. Cassatie in het belang der wet is een versnelde procedure bij de Hoge Raad om duidelijkheid te krijgen over belangrijke rechtsvragen. Deze procedure is vrij zeldzaam en wordt meestal alleen gevoerd indien de partijen zélf hebben afgezien van een cassatieberoep. Ondanks het feit dat er dus voorlopig geen cassatie in het belang der wet komt, bestaat de verwachting dat de Hoge Raad nog dit jaar uitspraak zal doen over de hierboven genoemde, nog openstaande rechtsvragen.
4. Voortgang procedures
Zoals bekend is de groepsprocedure eind 2007 opgesplitst in afzonderlijke procedures voor iedere individuele cliënt (en in voorkomende gevallen zijn/haar echtgenoot/partner). Deze individuele groepsprocedures zijn vervolgens opgeschort. Dexia heeft verzocht om alle procedures te royeren waarin zij van de betreffende cliënt niet tijdig een opt out mededeling had ontvangen. Deze mensen zijn immers gebonden aan de Duisenberg Regeling en kunnen dus niet meer procederen. Hiertegen is, waar mogelijk, door mij verweer gevoerd. Dit heeft er toe geleid dat de procedures van de cliënten die de Duisenberg Regeling of een andere schikking hebben geaccepteerd, inmiddels zijn geroyeerd. Hun dossier is gesloten. De cliënten die wél tijdig een opt out mededeling hebben verstrekt, kunnen uiteraard wél doorprocederen. Deze procedures zijn – zoals ik u ook in januari 2008 heb bericht - nog niet op de rol gezet in verband met de recente ontwikkelingen.
Dexia heeft inmiddels laten weten dat zij de Rechtbank Amsterdam zal verzoeken om alle lopende procedures op te schorten van cliënten die volgens Dexia in aanmerking komen voor een nieuwe schikking op basis van de recente uitspraak van de Hoge Raad (zie hierboven), zodat Dexia deze cliënten – via hun advocaat – een nieuw schikkingsvoorstel kan doen. Deze mensen hoeven dan niet verder te procederen, omdat zij hun schade (inleg plus restschuld) volledig vergoed krijgen. Door mij zal voor de betreffende cliënten ook worden bedongen dat hun proceskosten worden vergoed. Ik verwacht binnenkort bericht van Dexia welke cliënten hiervoor in aanmerking komen. Zij zullen daarover dan nader door mij worden geïnformeerd. Na acceptatie van het nieuwe voorstel kunnen de procedures van de betreffende cliënten worden geroyeerd (= stopgezet). Zij kunnen het boek dan definitief sluiten.
Voor de overige procedures geldt dat zij weer op de rol kunnen worden gezet. Zoals ook in de nieuwsbrief van januari 2008 is aangegeven, kan het zinvol zijn hiermee nog even te wachten totdat de Hoge Raad ook uitspraak heeft gedaan over de vraag (a) of vernietiging door de echtgenoot/partner ook nog mogelijk is later dan 3 jaar na de begindatum van het leasecontract, (b) of bij schending van de zorgplicht Dexia niet alleen (een deel van) de restschuld moet kwijtschelden, maar ook (een deel van) de inleg moet terugbetalen en (c) of de leasecontracten nietig zijn vanwege het ontbreken van wettelijk voorgeschreven vergunningen. Naar verwachting zal hierover nog dit jaar uitspraak worden gedaan. Ik verwacht dat Dexia dan opnieuw met een beter schikkingsvoorstel zal komen op basis van die nieuwe uitspraken van Hoge Raad, net zoals zij dit nu doet op basis van de recente uitspraak over vernietiging door de echtgenoot/partner binnen 3 jaar na de begindatum van het contract. In dat geval worden geen verdere proceskosten meer gemaakt, worden geen procesrisico’s gelopen en wordt mogelijk een hogere proceskostenvergoeding toegekend dan het bedrag dat door de kantonrechter zal worden toegewezen (dit zijn meestal beperkte bedragen).
Voor cliënten die perse direct willen doorprocederen, zal de procedure uiteraard weer op de rol worden gezet. De Rechtbank zal Dexia dan in de gelegenheid stellen om een schriftelijk antwoord in te dienen. Hiervoor zal Dexia naar verwachting dan 2-3 maanden de tijd hebben nadat de zaak weer op de rol is gezet. Vervolgens zullen de partijen bij de rechter worden geroepen voor een zitting, de zgn. ‘comparitie van partijen’. Tijdens deze zitting, waarop u en uw eventuele echtgenoot/partner, verplicht aanwezig moeten zijn, zal de rechter met name ingaan op uw persoonlijke omstandigheden. De comparitie vindt doorgaans plaats 3-4 maanden ná indiening van de conclusie van antwoord. Vervolgens heeft de Rechtbank vaak minimaal enkele maanden nodig voor een uitspraak. Gelet hierop valt een uitspraak niet voor het einde van het jaar te verwachten. De kans is groot dat de Hoge Raad voor die tijd al weer nieuwe uitspraken heeft gedaan (zie ook hierboven). Als u door procedeert, houdt u dan rekening met het feit dat (i) de Rechtbank een uitspraak kan doen die ongunstiger is dan de uitspraken die tot dusver zijn gedaan en (ii) u het risico loopt dat u – als u grotendeels in het ongelijk mocht worden gesteld – kunt worden veroordeeld om een bepaald bedrag aan proceskosten te betalen.
5. Samenvatting
-
Dexia zal alle cliënten die volgens haar recht hebben op volledige compensatie een nieuw schikkingsvoorstel doen. Dit schikkingsvoorstel zal aan mij worden toegezonden. U zult hierover door mij worden geïnformeerd. Het voorstel van Dexia zal vooralsnog alleen worden toegezonden aan cliënten die voldoen aan alle onderstaande voorwaarden:
-
De cliënt was getrouwd toen hij/zij het leasecontract afsloot (een gewoon samenlevingscontract is niet voldoende) en dit blijkt uit het GBA;
-
Zijn/haar echtgenoot of geregistreerde partner heeft dit niet mee getekend;
-
Deze echtgenoot/geregistreerde partner heeft tijdig een brief aan Dexia verzonden, d.w.z. dat deze brief binnen 3 jaar na de begindatum van het contract door Dexia moet zijn ontvangen;
-
De nota’s van eind juni 2007 voor het griffiegeld van € 192 komen te vervallen. Indien u dit bedrag al aan mijn kantoor heeft betaald, zal dit bij de eindafrekening aan u worden terugbetaald.
-
Er komt geen ‘cassatie in het belang der wet’, maar er worden wel gewone cassatieprocedures gevoerd over de belangrijkste nog openstaande rechtsvragen. Naar verwachting zal de Hoge Raad daarover nog dit jaar uitspraak doen.
-
De procedures voor de cliënten die recht hebben op een nieuw voorstel van Dexia als bedoeld onder 1. blijven opgeschort. Bij acceptatie van het nieuwe voorstel kunnen deze procedures definitief worden stopgezet. Cliënten die geen nieuw voorstel krijgen kunnen de nieuwe uitspraken van de Hoge Raad als bedoeld onder 3. afwachten. Cliënten die direct verder willen procederen, kunnen daartoe de wens te kennen geven. Zij dienen er wél rekening te houden met het risico van een minder gunstige uitspraak en/of een proceskostenveroordeling.
Ik dank u voor uw aandacht.
Met vriendelijke groet,
LeaseVerlosser
|