Amstelveen, 07 augustus 2008
 
NIEUWSBRIEF VOOR DEELNEMERS AAN DE GROEPSPROCEDURE VAN LEASEVERLOSSER
 
Geachte heer, mevrouw,
 
Hierbij informeer ik u over een aantal belangrijke ontwikkelingen.

  1. Nieuwe schikkingsvoorstellen Dexia: volledige compensatie
  2. Nieuwe uitspraak Hoge Raad verwacht in oktober 2008
  3. Voortgang van de procedures: doorprocederen of nog even afwachten?
1. Nieuwe schikkingsvoorstellen Dexia: volledige compensatie

Zoals wij u in de vorige Nieuwsbrief van 24 april 2008 al hebben laten weten zal Dexia aan een beperkt aantal cliënten een nieuw schikkingsvoorstel doen. Dit voorstel voorziet in volledige kwijtschelding van de restschuld plus terugbetaling van de inleg (onder verrekening van uitgekeerde dividenden) plus rente. Dit voorstel geldt echter alleen voor cliënten van wie de echtgenoot niet heeft meegetekend en die binnen 3 jaar na de begindatum van het contract een rechtsgeldige vernietigingsbrief heeft verzonden. De deelnemers aan de groepsactie van LeaseVerlosser die hiervoor in aanmerking komen, hebben hierover apart bericht gehad. Heeft u hierover géén apart bericht gehad, dan betekent dit dus dat u volgens Dexia niet in aanmerking komt voor een nieuw voorstel. Dit kan zijn omdat uw echtgenoot wél heeft meegetekend of omdat de contracten niet binnen 3 jaar na de begindatum zijn vernietigd. In dat geval gelden voor u alleen de gebruikelijke regelingen van Dexia: Duisenberg Regeling en Coulance Regeling. Voor meer informatie hierover verwijzen wij u naar www.dexialease.nl.

2. Nieuwe uitspraak Hoge Raad verwacht in oktober 2008

De verwachting bestaat dat de Hoge Raad dit najaar, vermoedelijk in oktober, opnieuw een belangrijke uitspraak zal gaan doen over aandelenlease. Het gaat hierbij niet om een zaak tegen Dexia, maar tegen Levob. De rechtsvraag is echter hetzelfde: is de inleg een schadepost die door de leasemaatschappij moet worden vergoed of niet? De Rechtbank Amsterdam gaat er vanuit dat de inleg wél (gedeeltelijk) moet worden vergoed, maar de hogere rechter in Amsterdam, het Gerechtshof Amsterdam, ziet meestal alleen de restschuld als schadepost. Alleen indien de Hoge Raad bepaalt dat de inleg wél schade is die gecompenseerd moet worden, zal het Gerechtshof Amsterdam haar beleid moeten wijzigen. Tot aan dat moment blijft een onduidelijke situatie bestaan. Het is nu nog steeds mogelijk dat een cliënt (een deel van) zijn inleg terugkrijgt via de Rechtbank, en dat hij dit weer kwijt raakt als Dexia in hoger beroep gaat bij het Gerechtshof. Overigens gaat Dexia in praktijk niet altijd in hoger beroep. De Hoge Raad moet hier nu snel een knoop in doorhakken.

3. Voortgang procedures: doorprocederen of nog even afwachten?

Zoals bekend zijn de procedures tegen Dexia nog niet op de rol gezet. Voor de cliënten die in aanmerking komen voor het nieuwe schikkingsvoorstel van Dexia (zie hierboven onder 1.) geldt dat zij niet verder hoeven te procederen, omdat zij met dit voorstel hun restschuld volledig krijgen kwijtgescholden en hun inleg met rente terugontvangen. Cliënten die hiervoor in aanmerking komen hebben hierover apart bericht gehad. De overige deelnemers staan nu voor de vraag of zij de procedure willen hervatten of dat zij de ontwikkelingen nog even af willen wachten. Indien u kiest voor doorprocederen, dan verloopt de procedure verder als volgt. Omdat de groepsprocedure is opgesplitst in afzonderlijke procedures per eiser, zal Dexia in iedere zaak een aparte schriftelijke reactie kunnen indienen, de zgn. Conclusie van Antwoord. Hierna zal de Rechtbank een standaard ‘tussenvonnis’ wijzen, waarin een zgn. comparitie wordt bevolen. Een comparitie is een zitting bij de kantonrechter waarin beide partijen moeten verschijnen. Door beide partijen dienen vervolgens vóór de comparitie allerlei bewijsstukken aan de rechter te worden verstrekt. Voor de cliënt geldt dat hij onder meer moet verstrekken: een bewijs uit de Gemeentelijke Basis Administratie dat de cliënt was getrouwd (indien een beroep wordt gedaan op het ontbreken van de handtekening van de echtgenoot) en bewijsstukken van het netto inkomen en vermogen ten tijde van het aangaan van de leasecontracten. Hierbij moet u denken aan een jaaropgave van uw werkgever(s) + een belastingaangifte en -aanslag over het betreffende jaar. U zult deze stukken dus moeten opzoeken of opnieuw moeten opvragen. Indien sprake was van (andere) schulden dienen hiervan ook bewijsstukken te worden verstrekt, bijvoorbeeld een kopie van de leningovereenkomst. Voorts dient u ook zelf per leaseovereenkomst opgave te doen van alle bedragen die u aan Dexia heeft betaald (met vermelding van dag en bedrag in euro’s, niet in guldens) en van alle dividenden die u eventueel uit het contract heeft ontvangen en een opgave van alle overige financiële voordelen en nadelen (daaronder begrepen fiscale) als gevolg van het leasecontract. Dit betekent dat u zelf nog wel het nodige ‘huiswerk’ te doen heeft, als u door procedeert. De rechtbank gaat hier vrij streng mee om; als bepaalde stukken ontbreken kan dit in het nadeel van de cliënt worden uitgelegd en zelfs leiden tot (gedeeltelijke) afwijzing van de vordering. Op basis van de hiervoor genoemde bewijsstukken vindt vervolgens de comparitie plaats. Deze duurt meestal 30-45 minuten. Tijdens de comparitie zal de kantonrechter u vragen stellen, onder andere of u beleggingservaring heeft, waarom u het leasecontract bent aangegaan, of uw echtgenote op de hoogte was en zo nee, waarom niet etc. Daarnaast worden – mede aan de hand van de bewijsstukken – de financiële feiten op een rij gezet. Op basis daarvan neemt de rechter een beslissing conform het zgn. categoriemodel. Dit model hebben wij al uitvoerig beschreven in het document “Belangrijke uitspraken van de Rechtbank Amsterdam” van 14 juni 2007 en de Nieuwsbrief van dezelfde datum. Deze documenten kunt u ook raadplegen op de website www.leaseverlosser.nl. Afhankelijk van zijn financiële positie, het financiële belang van de leasecontracten en zaken als beleggingservaring, opleiding en beroep krijgt de cliënt een schadevergoeding toegekend van 5-85% van de inleg plus restschuld. De standaard vergoeding is 55-65%, maar afhankelijk van de omstandigheden kan dit meer of minder zijn. Voor meer informatie hierover verwijzen wij naar de hiervoor genoemde documenten. Na ontvangst van de uitspraak heeft iedere partij het recht om binnen 3 maanden in hoger beroep te gaan bij het Gerechtshof Amsterdam. De praktijk wijst uit dat Dexia dit lang niet altijd doet, en zich dus neerlegt bij de uitspraak van de Rechtbank. Als Dexia echter wél in hoger beroep gaat, begint de procedure weer opnieuw. De kosten hiervan zijn niet begrepen in het door u aan LeaseVerlosser betaalde honorarium voor de procedure bij de Rechtbank. In dat geval kunt u dus met extra kosten worden geconfronteerd. Zolang de Hoge Raad nog geen uitspraak heeft gedaan is de kans groot dat het Gerechtshof de zaak vervolgens alsnog afdoet volgens de Duisenberg Regeling, omdat zij de inleg niet als schade ziet. Dan bent u weer terug bij af, en bovendien een hoop extra kosten kwijt.

U kunt ook besluiten om de uitspraak van de Hoge Raad in de Levob-zaak af te wachten (zie hierboven onder 2.). Indien de Hoge Raad in die zaak oordeelt dat ook de inleg een schadepost is, zal dit mogelijk leiden tot een voor de gedupeerden gunstige wijziging in het beleid van het Gerechtshof Amsterdam die meestal bepaalt dat de cliënt zijn inleg kwijt is. Mogelijk is dit voor Dexia dan ook weer aanleiding om een nieuw schikkingsvoorstel te doen. Het is echter ook mogelijk dat de Hoge Raad het beleid van het Gerechtshof Amsterdam volgt. In dat geval kan doorprocederen riskant zijn, omdat de kans groot is dat dan een vergoeding wordt verkregen gelijk aan de Duisenberg Regeling, of zelfs minder. Doorprocederen bij de Rechtbank lijdt dan mogelijk tot extra kosten en een proceskostenveroordeling, terwijl men dan niet beter af is dan met de Duisenberg Regeling.

Gelet op het voorgaande adviseren wij cliënten die al procederen tegen Dexia om de ontwikkelingen – met name de uitspraak van de Hoge Raad – nog even af te wachten. Wilt u toch doorprocederen, dan kan dat natuurlijk ook. Stuurt u dan een mail aan info@leaseverlosser.nl met het bericht dat u wilt doorprocederen.

Cliënten die nog niet procederen, adviseren wij om hier nog even mee te wachten totdat de rechtspraak zich verder heeft ontwikkeld. Let u er wel op dat uw vordering niet verjaart. Stuurt u daarom een stuitingbrief aan Dexia, als u dit nog niet heeft gedaan. Een voorbeeld stuitingbrief kunt u vinden op de website www.leaseverlosser.nl.

Zodra er nieuwe ontwikkelingen zijn – bijvoorbeeld een uitspraak van de Hoge Raad – zullen wij daarover weer informeren per Nieuwsbrief.
 
Met vriendelijke groet,
 
LeaseVerlosser